Artikelen
DE VOORTREKKERS
auteur: Hans van der Veen
|
Terug «
geplaatst: 9 december 2002
|
Toneelgroep De Voortrekkers was een groep van uitsluitend sympatisanten
van het nationaal-socialisme. Adriaan van Hees was er de leider van, Jan
Mulder de zakelijke, en in de praktijk ook de werkelijke, leider.
Van Hees heeft de groep begin 1941 verlaten, Mulder heeft de zaak tot
eind 1942 geleid.
De eerste voorstelling wordt gegeven met 'Niet voor de poes' in november
1940.
Succesvol zijn De Voortrekkers niet geweest. Daarvoor zijn verschillende
oorzaken te noemen.
De nationaal-socialistische gedachte sprak veel Nederlanders niet aan.
Omdat de leiding van de Voortrekkers zich ten doel had gesteld het Nederlandse
volk het gedachtengoed van deze stroming te verkondigen had het moeite
een groot publiek te bereiken. Oplossingen waren wel bedacht. Zo treden
ze in het begin met redelijk succes op tijdens avonden van Vreugde en
Arbeid, de vermakelijkheidsvereniging van het NVV het latere Arbeidsfront,
zonder zich te afficheren als een nationaal-socialistisch toneelgezelschap.
Als in een interview in het Nationale Dagblad van vrijdag 22 augustus
1941, Jan Mulder de 'taktische fout' begaat te vertellen dat de Voortrekkers
een nationaal-socialistische toneelgroep is, ontvangt Mulder van de 'Leider
van Vreugde en Arbeid', J.A. van den Werken, een brief waarin de samenwerking
wordt opgezegd. Immers Vreugde en Arbeid heeft al moeite genoeg mensen
voor hun avonden te interesseren omdat ze het nationaal-socialistische
gedachtegoed aanhangen. Als blijkt dat het vertier dát ze aanbieden
van dezelfde snit is, zullen de zalen helemaal leegblijven. Van de toegezegde
50 voorstelling in het nieuwe seizoen 1941/42 worden er daarom 30 afgezegd.
Een ander probleem is de bezetting. Er zijn maar weinig goede toneelspelers
die zich met het nationaal-socialisme willen verbinden. Ook ondanks de
betrekkelijk goede voorwaarden die geboden worden. Zo krijgt Just Chaulet
een contract aangeboden voor 12 maanden en een vast inkomen van ca. 200
gulden per maand. Het mag niet baten.
De goede verdienste wordt mogelijk gemaakt door het DVK (Departement van
Volksvoorlichting en Kunsten), dat 2/3 van de personeelskosten op zich
neemt. Dit betekent een rechtstreekse subsidie van het rijk die oploopt tot ruim 26.000 gulden in
het seizoen 1941/42.
Als in de loop van 1941 Piet Rienks opstapt is dat een kleine ramp voor
het gezelschap. Rienks speelde de hoofdrol in het enige stuk dat De Voortrekkers
op het repertoir hadden staan 'Eindelijk Werk!'.
Een derde probleem is het repertoir: er zijn geen toneelstukken beschikbaar
die het nationaal-socialistische gedachtegoed uitdragen. Verzoeken aan
toneelschrijvers leveren niets op. Op één uitzondering
na Martien Beversluis die een stuk schrijft 'Het oud vermaak'lijk Ganzenspel'. Dit stuk wordt ingestudeerd, maar op het laatste moment door het DVK afgekeurd.
Ondanks alle tegenslagen kan er toch in het hele land worden opgetreden. Het seizoen
1941/42 begint met een goed gevulde agenda: een tour door het zuiden van
het land gevolgd door een internationale tournee. Onderhandelingen over een tour door Duitsland en België
langs plaatsen waar Nederlanders werkzaam zijn worden met succes afgerond.
Half december zou de tour moeten beginnen. De organisatie van de buitenlandse
reis is in handen van Kraft durch Freude. Als blijkt dat het stuk 'Eindelijk
Werk' een vertaling is van de Duitse bewerking door Paul Vulpius maar
een oorspronkelijk Hongaars stuk is van Ladislaus Fodor, schrijft het
DVK een brief waarin verboden wordt het stuk nog langer
te spelen. Deze ramp blijft Jan Mulder bespaard. De brief wordt niet verzonden.
Een aantekening legt uit dat 'Berlijn' geïnformeerd is over dit stuk
en dat ze een eventueel verbod aan hen overlaten, immers de controle over
opvoeringen in het buitenland valt buiten de competentie van het DVK.
Uit een speellijstje blijkt dat het verbod er niet gekomen is, het stuk
is op diverse plaatsen in Duitsland gespeeld1.
Toch wordt de tour een flop. Tot drie keer toe wordt het vertrek uitgesteld.
Als ze uiteindelijk op 17 januari vertrekken heeft de groep in een maand
slechts vier voorstellingen kunnen geven, een financiële aderlating
dus. Het verblijf in Duitsland wordt in overleg met de heren van Kraft
durch Freude na 14 dagen afgebroken. Elly van Stekelenburg heeft malaria
opgelopen. De winter is streng - min 25 graden -, het vervoer van decors
een probleem en ook het gezelschap zelf moet herhaaldelijk na een voorstelling
's nachts in het donker en de koude lopend naar hun logies. Verschillende
acteurs worden ziek. De Voortrekkers keren vervroegd naar huis terug.
Het lijkt de doodsteek voor het gezelschap geworden (correspondentie over deze periode ontbreekt helaas). In mei 1942 blijken
diverse spelers te zijn vertrokken, er kan geen stuk meer bezet worden.
Het DVK laat weten niet langer geld te kunnen blijven steken in deze zaak.
In juni wordt De Voortrekkers opgeheven.
Totaal heeft De Voortrekkers 4 verschillende voorstellingen op het repertoire
gehad : Niet voor de Poes, Eindelijk Werk, Adel in Livrei en een kleinkunstprogramma.
1Speellijst van de Toneelgroep De Voortrekkers in Duitsland:
"Eindelijk werk" in : Staaken; Fleigerhorst; Siemensstadt; Berlijn;
Weidmanslust; Berlijn en Lichtenrade. "Niet voor de poes" in
: Berlijn; Premnitz; Finofurt en Christianstadt.
|